Biologische melkprijs en markt- update 2020

Ekopart volgt al enkele jaren, de prijsontwikkeling van de biologische melk in Nederland, op de voet.

Prijsontwikkeling 2020.

Ondertussen begon de bio-melkprijs ook in 2020 stabiel, zoals dit meerdere jaren het geval is.  De garantieprijs in januari 2020 lag op het niveau van die van 2019. Er zijn in 2019 niet veel niet veel nieuw-omschakelende bedrijven op de markt gekomen. Toch zakte de prijs in april en mei naar 45,0 ct. Maar heeft in augustus herstelt naar 47,5 ct. Dat is hetzelfde niveau als in de zomer 2019. Ook de gangbare melkprijs liet eind 2019 en begin 2020 een rustig beeld zien. Maar ook deze verloor in april tot juni 2,5 ct per kg. In juli-augustus is deze hersteld naar 34,0 ct. 

1. Melkprijs Bio GB laatste jaar

 

Corona-effect

Het moet nog blijken welk effect de Corona-pandemie op de lange termijn heeft op de markt en daarmee op de melkprijs. Van een ernstige terugval van de gangbare melkprijs is nog geen sprake. Er blijven wel zorgen, omdat deze sterk afhankelijk is van het exportvolume. De wereldhandel ondervindt veel last.  De lange termijn-prognose tot 2030 blijft echter volgens deskundigen uit de zuivelsector ongewijzigd: 36 ct per kg melk. Dat moet vertrouwen geven.  Het effect voor de biologische melk bleek deze zomer ook mee te vallen, Deze bediend voor een overgroot deel de zuivelmarkt in Nederland. Veel mensen blijven dit jaar, voor vakantie, in Nederland. Wel heeft de Corona veel schade aan de horeca-markt aangericht. 

Voorjaarsdip

Traditioneel komt de Bio-prijs in april-juni vaak onder druk, omdat er bij aanvang van de weideperiode er meer melk op de markt komt. De koeien reageren vaak goed op het verse gras. Dat bleek dit jaar ook het geval. Daarnaast komt er meer melk van voorjaars-afkalvende veestapels. Eko Holland heeft daarom in maart een productie-alert afgegeven, met het verzoek om de productie waar mogelijk te beperken. De leden hebben hier goed gehoor aangegeven. Toch is de verwachtte uitbetalingsprijs iets gedaald naar ruim 49 ct. Maar vertoond nu een licht herstel. Friesland Campina en A-ware zijn in april niet meegegaan in dit alert.

5. Eko Holland

 

Meerjaren

De gemiddelde Bio garantieprijs komt in het lopende jaar uit op 47,2 ct per kg. De gemiddelde reguliere garantieprijs zit op 34,5 ct per kg.  Het bio-prijsverschil komt uit het lopende jaar uit op ca.12,7 ct. per kg melk. Let wel, dit betreft de garantieprijs, normaal gesproken ligt de uitbetalingsprijs tussen de 1,0 en 2,0 ct hoger. De Bio-prijs schommelt de laatste 6 jaar tussen de 47,2 en bijna 49,3 ct. 

 2. Garantieprijs uitbetalingsprijs

De loskoppeling van de biologische melkprijs, met die van de gangbare prijs in 2013, is voor de biologische melkveehouders heel goed uitgepakt. Deze Bio-toeslag is het verschil in garantie-melkprijs tussen de biologische en de reguliere melk. Deze maakte sindsdien een spectaculaire groei door, met een top in 2016 met gemiddeld ca. 18 ct. Dit illustreert de relatief stabiele markt voor de biologische melk en de lage wereldmarktprijzen voor de reguliere melk in die periode. In de loop van 2017 is het verschil tussen gangbaar en biologisch, mede door de  gangbare prijs van weer enigszins genormaliseerd.

4. Bio toeslag

Marktperspectief omschakelaars

De markt voor biologische melk kende enkele zorgen, De  ruimte begin dit jaar voor nieuwe omschakelaars, is voor een groot deel weer ingevuld. Voor de lange termijn geven met name Eko Holland, Coöp Rouveen, Farmel en  Willig een positief geluid af.  Friesland Campina, traditioneel toch een belangrijke marktpartij voor de Biomelk en A-Ware zijn terughoudend. Welke perspectieven  de Green Deal vanuit de Europese Unie voor markt en de omschakeling biedt is nog onduidelijk.

 

 

Presentatie van milieuresultaat in CO2 per ha.

Belangrijke aanbeveling voor de Kringloopwijzer

De presentatie van de CO2-uitstoott per ton meetmelk* door melkveebedrijven geeft geen goed beeld van het werkelijke milieuresulaat. CO2 is gasvormig en de hoge uitstoot heeft mondiaal een sterke negatieve invloed heeft op de omgeving. Er zijn heel veel maatschappelijke argumenten om het aandeel CO2 terug te dringen. Hierop wordt ondertussen wereldwijd beleid op gemaakt.

De melkveehouderij kan/moet  hier ook haar steentje aan bijdragen. En dat kan. De Kringloopwijzer is hierbij een bruikbaar instrument gebleken, om de uitstoot op de melkveebedrijven inzichtelijk te maken. Milieutechnisch zou deze dan wel gepresenteerd moeten worden met kengetal: CO2-uitstoot per ha.

Ter illustratie. Bij analyse van de CO2 uitstoot door Groninger bedrijven bleek dat de CO2- op meetmelkniveau zich in positieve zin ontwikkelde naar lagere waarden. Dat werd mogelijk veroorzaakt door: een hogere melkproductie per koe en/of meer koeien per ha. Tegelijkertijd bleek echter dat de uitstoot op ha-niveau hoger werd. Dat is te verklaren dat er waarschijnlijk meer (meet)melk per ha werd geproduceerd. Milieutechnisch is dit een achteruitgang.

Met het beleidsvoornemen van Minister Schouten om de melkveehouderij natuur-inclusiever te laten produceren, hoort ook een check op de ontwikkeling van de milieuresultaten. Want dit is immers de aanleiding voor dit beleid geweest. Naast het beperken van de stikstof- overschot, de NH3-uitstoot, is de CO2-uitstoot de 3de belangrijkste kengetal. Maar wel op ha-niveau.

In alle 3 gevallen geldt dat de kengetallen alleen afnemen als de bedrijfsvoering extensiever wordt en minder afhankelijk van input van grondstoffen buiten het bedrijf. Dit wordt goed in beeld gebracht door de resultaten van de biologische melkveebedrijven te vergelijken met resp. de Koeien & Kansen –bedrijven en de Vruchtbare Kringloopbedrijven in Overijsel (2018).

2. CO2 uitstoot per ha

Een eerste stap zou zijn, maar zeer belangrijke, is om alle kengetallen in de Kringloopwijzer die de milieuresultaten weergeven, (ook) in kengetallen per ha worden vermeld.

*Dit kengetal CO2-uitstoot per ton meetmelk is door de zuivelsector ingebracht om de milieuresultaat voor de productie van melk, via het winkelschap, met de consument te communiceren. Daarmee is het een kengetal voor marketing.

Biohuis: geen maximum aan ruw eiwit in het krachtvoer

Een maximum gehalte aan ruw eiwit in krachtvoeders, zoals minister Schouten voorgesteld is niet acceptabel voor biologische melkveehouders. Dit beleid wordt daarom door de belangenorganisatie Biohuis afgewezen. Flexibiliteit om een rantsoen samen te stellen ten behoeve van een goede efficiëntie in de voerbenutting en voor een gezonde veestapel, moet niet worden beperkt door overheidsmaatregel. Het feitelijke doel van de regeling, om met een lager eiwitgehalte in het totale rantsoen, de NH3-uitstoot te verlagen, wordt door biologische melkveehouders al ruim gehaald. 

Dat wordt bevestigd door de opgestelde kringloopwijzer van Bio-melkveehouders in Noord Nederland. De gemiddelde NH3-uitstoot per ha kwam uit op 38 kg per ha.

3. NH3 uitstoot per ha

De biologische boeren hadden in 2019 gemiddeld 156 gras ruw eiwit in het totale rantsoen. Ook scoorden ze zeer positief op het aandeel eigen geproduceerde eiwit van het eigen bedrijf: ruim 79%. Door een relatief laag bemestingsniveau van max. 170 kg N per ha, is het eiwitaandeel in het gras aanzienlijk lager als bij reguliere bedrijven. Gemiddeld in 2019 was dit 149 gr RE per kg ds.

Daarnaast heeft de biologische melkveehouderij heeft door een integrale en extensieve bedrijfsvoering al een aantoonbaar lage stikstof-bodemoverschot per hectare van 60 kg N per ha. 

1. Stikstofoverschot per ha

De stikstofwerkgroep van Biohuis heeft aanbevelingen opgesteld voor een goed gebiedsgericht beleid voor stikstof. Deze zijn naar het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) en alle provincies gestuurd.

Biohuis pleit voor het opstellen van gebiedsplannen in samenspraak met alle gebruikers van een gebied. Daarbij moet er perspectief voor zoveel mogelijk bedrijven geboden worden. Wie dat wil, moet steun krijgen bij omschakeling naar biologische landbouw. Er moet gericht worden omgeschakeld zodat de markt het kan opvangen, oldus Biohuis. Steun zal vooral gegeven moeten worden in de vorm van kennis en structurele voorzieningen in het gebied, en minder via individuele subsidies. Bestaande biologische bedrijven moeten er ook van kunnen profiteren.

Ekopart, Bio-advies via video-bellen

Ten gevolge van de corona-maatregelen zijn sinds half maart alle bedrijfsbezoeken en studiegroep-bijeenkomsten van Ekopart gestopt. Daarmee is echter geen einde gekomen aan de advisering aan biologische bedrijven en bedrijven die behoefte hebben aan omschakelingsadvies. Na een maand vanuit huis werken, blijkt dat video-bellen: “met beeld en geluid”, een goed alternatief is voor een gesprek aan de keukentafel.

kees videobellen 5a 2mp

Lees meer...

Project: Biologische Landbouwen in Friesland is gestart

Dit 3 jarig project is een nauwe samenwerking de praktijk en het onderwijs. Het project is een samenwerking tussen van Hall Larenstein, Feriening Biologyske Boeren Fryslan (FBBF) en adviesbureau Ekopart. Doel is praktijkkennis delen d.m.v.
- Individuele adviesgesprekken over omschakeling .
- Organiseren van studiegroepen: 
- Verzamelen van kennisvragen en deze uitwerken

 

Omschakeladvies Biologische Melkveehouderij in Friesland
De melkveehouderij staat voor grote uitdagingen om hun bedrijf toekomstbestendig te houden. Hierbij valt veel te leren vanuit praktijkervaringen van de biologische landbouw. En wellicht meer dan dat.

Wilt u weten wat de kansen zijn om uw bedrijf om te schakelen naar een biologische bedrijfsvoering? In provincie Friesland wordt u professioneel advies aangeboden om hier antwoord op te krijgen. Dat gebeurd individueel- via een keukentafelgesprek op uw bedrijf. Uw huidige bedrijfsstructuur en uw management is hierbij altijd het vertrekpunt. Kansen en mogelijkheden in de omgeving worden meegenomen en ook de marktperspectieven komen aan de orde. U krijgt concreet inzicht in, zowel de technische mogelijkheden, als de aandachtspunten van de omschakeling. Ook krijgt u advies voor de te nemen vervolgstappen. Dit wordt in een kort rapport voor u vastgelegd.
Een vervolgstap kan een doorrekening zijn. Bedoeld om inzicht te krijgen in de economische perspectieven van de omschakeling.

Uw kosten van een eerste advies zijn zeer beperkt. Aan bedrijven in Friesland wordt een eigen bijdrage gevraagd van € 100,- Ook een doorrekening kan gedeeltelijk financieel worden ondersteund.

De financiële bijdrage is afkomstig van respectievelijk:
• Project: Biologisch (land)bouwen in Friesland, van: Hall Larenstein, FBBF en Ekopart

Wilt u meer weten, Neem dan contact op met Ekopart, Kees Water Advies, 08-26518701